Home » Archieven voor Grada Menting

Auteur: Grada Menting

Sinds 2005 is mijn belangstelling voor planten begonnen. Stedelijk gebied heeft mijn voorkeur door het dynamische en de kans op nieuwe soorten.

De voegenvuller van Vlissingen.

Sommige planten zijn echte voegenvullers. Soorten die in de voegen groeien en niet of nauwelijks hoger gaan dan de straatstenen waardoor ze onopvallend blijven. Kransmuur, Liggende vetmuur, Mosbloempje, Muurpeper, Slaapkamergeluk, Straatwalstro en Straatwolfsmelk zijn aardige voegenvullers.

Onopvallend kunnen ze voortbestaan, onzichtbaar voor de meeste voorbijgangers.
Dé voegenvuller van Vlissingen is ongetwijfeld Kransmuur. Straten vol! Gemeentelijke veegwagens zullen hier onbedoeld een bijdrage aan hebben geleverd. Ze vegen de zaden door de hele stad waardoor het zeldzame plantje inmiddels door heel Vlissingen is verspreid.


Kransmuur is een klein eenjarig mediterraan plantje dat zich met succes heeft verspreid over vrijwel de hele wereld. In Nederland wordt de soort sinds de jaren negentig van de vorige eeuw aangetroffen en heeft zich inmiddels met succes gevestigd in grote delen van Nederland, met name in het westen. In Zeeland is de soort voor het eerst waargenomen in 2008 zowel in Middelburg als in Vlissingen, maar is zich duidelijk aan het uitbreiden naar andere steden en dorpen. Daarnaast wordt Kransmuur wel gevonden op campings.
Kransmuur is vrijwel beperkt tot stedelijk gebied, waar ze groeit tussen straatstenen, aan de voet van muren en op ruderale plaatsen. De plant kan goed tegen betreding maar blijft dan zeer klein. Het uiterlijk in een onbetreden situatie is totaal anders: een compact, tot 10 cm hoog, bolvormig plantje.

 

 

bron: Meininger P.L. (red.). 2018. Flora Zeelandica. Verspreiding van planten in het Zeeuwse landschap in heden en verleden. Floron, Nijmegen.

 

Het Slaapkamergeluk van Middelburg

Slaapkamergeluk komt oorspronkelijk uit het westelijk deel van het Middellandse Zeegebied en is als verwilderde sier- en kamerplant wereldwijd verspreid. Het sterk woekerende plantje plant zich in ons land uitsluitend vegetatief voort, maar overleeft niet al te strenge winters. In Nederland is de soort de laatste decennia gevestigd en komt inmiddels voor in stedelijk gebied verspreid over het hele land, met een concentratie in de Randstad. Inmiddels kan deze plant als ingeburgerd worden beschouwd.

Nee, dit gaat niet over het geluk in de slaapkamers van Middelburg, maar het gaat weer over planten.

Slaapkamergeluk – Soleirolia soleirolii is een kamerplantje dat als hangplantje verkocht wordt. Het heeft super-kleine-ronde frisgroene blaadjes die er uitzien. Hij doet het goed in lichte koele ruimtes zoals in slaapkamers. Met zo’n naam verkocht het plantje zichzelf: wie wil er geen geluk en dan nog wel in de slaapkamer?

Dit plantje heeft weinig nodig om zijn plezier buiten voort te zetten: vermeerdering vindt vegetatief plaats. Daar is maar een klein stukje plant voor nodig. Eenmaal buiten is het hek van de dam.

Dit sterk woekerende plantje vindt zijn weg  via de voegen tussen bestrating, via  achterpaden, op drempels, aan de voet van muren, rond bloempotten enz.

Slaapkamergeluk is een echte stadsplant,  met name in Middelburg. Ik heb nergens zoveel Slaapkamergeluk gezien.

Als hij bloeit dan is dat met erg onopvallende witroze bloemetjes  die kleiner zijn dan de blaadjes.

Het is de moeite daar eens diep voor te bukken.

Verrassende Vlissingse achterpaden

Sinds 1 november 2011 zijn zogenaamde achterpaden ook mijn geliefd domein. Achterpaden liggen tussen huizenblokken, geven toegang tot achtertuinen en worden meestal begrensd door schuurtjes, schuttingen en hagen.

Vlissingen, achterpaden

Op die dag zag ik een walhalla aan varens in een wijk in Vlissingen. Op muren van schuurtjes groeiden behalve bekende soorten zoals: Mannetjesvaren, Muurvaren,Steenbreekvaren, Tongvaren, Eikvaren ook een vreemd varentje. Eentje die ik in Limburg in Eckelrade was gaan bekijken. De Schubvaren met zijn zigzaggend uitziend blad. Ik telde vijf exemplaren. Dit zijn voor zover bekend de eerste en enige Schubvarens van Zeeland.

Schubvaren (Asplenium ceterach) foto: Grada Menting

De zeldzame en tot voor kort beschermde, Schubvaren is van nature een rotsplant. Bij gebrek aan rotsen zijn muren een goed alternatief.

Tot mijn schrik zag ik in augustus 2016 deze Schubvarens er verlept bijhangen. Er was al een tijd geen drup regen gevallen en dit hield nog een tijd aan. Zo af en toe ben ik deze, toch wel erg zeldzame varens, water gaan geven. Totdat ik het volgende las.

Schubvarens in droge periode foto: Grada Menting

Schubvaren groeit op zonnige plekken en wortelt in de spleten van kalkhoudende rotsen en muren. Op zulke plekken heeft zij regelmatig gebrek aan vocht. Bij vochtgebrek krullen de bladranden naar binnen en zien de planten er bruin en verschrompeld uit. Men vreest dan het ergste voor de overlevingskans van zulke planten, maar ze zijn goed aangepast aan extreme standplaatsen en na een regenbuitje staan ze er weer fris en groen bij. Bron: Nature today Bericht uitgegeven door FLORON (@ Egbert de Boer en Bart Hendrikx

 

Nu maar hopen dat ze bijtrekken!

Een straatplantje dat gemakkelijk over het hoofd gezien wordt.

In augustus 2016 leidde ik Ton Denters rond door Middelburg en ontdekten we een nieuwe soort voor Middelburg en Zeeland. Ik zou hem weggezet hebben als Straatwolfsmelk  (Euphorbia masculata) en daar zal ik niet de enige in zijn. Euphorbia serpens groeit net als Straatwolfsmelk tussen de bestrating. De plant heeft nog geen officiële Nederlandse naam een gebruikte naam is Slangenwolfsmelk. Het is een echt containeradventief. In bakken meegelift als onkruid met olijfbomen uit Spanje.

Slangenwolfsmelk
Slangenwolfsmelk

De bladeren van Euphorbia serpens zijn ongevlekt en rond, die van Straatwolfsmelk daarentegen meestal gevlekt en ovaal. Het hardste kenmerk is de beharing van de doosvrucht.  Die van Euphorbia serpens zijn kaal en die van Straatwolfsmelk zijn harig.

euphorbia serpens t
afbeelding van de vruchten. Bron: Dumortiera 97-31-10-2009

Straatwolfsmelk is al aardig ingeburgerd in Middelburg en deze look- a- like zal zeker volgen. Deze soort is gevonden op een handvol plaatsen in Nederland, maar wel van Groningen tot Zuid-Limburg, maar wordt waarschijnlijk regelmatig over het hoofd gezien. Voortaan dus de zaden bekijken!