Home » Archieven voor Wim Vuik

Auteur: Wim Vuik

Sinds 1990 zijn wilde planten voor mij een "uit de hand gelopen" hobby. Het brengt mij als tikkie tegendraads persoon en een soms out of the box denkend figuur op de meest geweldige plekken om te genieten van deze hobby. Hierbij is de stad een onuitputtelijke bron van inspiratie en ervaringen

Een blok steen

Een rechthoekig blok steen net ten noorden van het centrum van Utrecht. Als je er langs loopt, lijkt de voorkant kaal en niet interessant. Maar schijn bedriegt.

Want de ene kant is de andere niet. Kijkend naar de achterkant, die van af de straatkant niet te zien is, gaat het floristenhart ineens een stuk harder kloppen.

Het blok steen blijkt namelijk bijna in zijn geheel bezet te zijn met vele muur begroeiende plantensoorten.

Denk hierbij aan diverse exemplaren Klein glaskruid, 1 Gewone eikvaren, 1 Mannetjesvaren, een paar Tongvarens, 10-tallen Steenbreek – en Muurvarens en 1 Polystichum. Een naaldvaren.

Kijk maar eens aan de andere kant

Deze naaldvaren heeft behoorlijk wat jaren voor hoofdbrekens gezorgd. Ongeveer 10 jaar terug werd de plant voor het eerst gevonden. We konden de soort niet op naam krijgen, want het exemplaar was piepklein. Vele jaren bleef het exemplaren uiterst klein en wilde het nog steeds niet lukken om er een naam op te plakken tot ineens vorig jaar het kwartje viel.

De zeldzame naaldvaren Polystichum luctuosum

De plant had inmiddels meer en grotere veren wat de naamgeving toch een stuk makkelijker maakte. Het bleek om Polystichum tsus-simense te gaan. Een zeldzame tuinvaren die mondjesmaat in Nederland aan het verwilderen is.

Maar niets is wat het lijkt. De naamgeving  van de plant is blijkbaar recent veranderd. De plant heet dan ook niet meer P. tsus-simense, maar schijnt nu P. luctuosum te heten. Wat het waarom hier nu weer van is, is mij niet bekend.

Afijn, zo zie je maar, dat je ook hierin voor verrassingen komt te staan.

Net als het soortenrijkste blok steen van Utrecht!

 

Winterheliotroop in Utrecht

In de loop van 2013 werd duidelijk via de oplettende medewerker op Waarneming.nl, te weten Erik Slootweg, dat we in Nederland een Hoefbladsoort rijker waren. Dit was Winterheliotroop (Petasites pyrenaicum).

In het milde klimaat van Zeeland met name in de omgeving van Middelburg bleek deze licht vorstgevoelige soort op diverse plaatsen jarenlang onopgemerkt te groeien. Dit was goed te zien aan de vele exemplaren op diverse groeiplaatsen. Bij het nagaan van foto’s bleek in Amstelveen, in een van de parken aldaar de soort ook voor komen. Aangeplant weliswaar.

Niks bijzonders zou men denken, ware het niet dat in het voorjaar van 2016 in Utrecht-Lunetten nog een tamelijk grote groeiplaats werd ontdekt. Winterheliotroop werd langs een vrij schaduwrijke, wat voedselrijke zoom ontdekt. De soort staat hier bijna vlakdekkend over een lengte van zo’n 10 meter. Het naastgelegen voetpad is een populaire hondenuitlaatroute. In deze berm komen diverse stinzenplanten voor, alsmede populaire soorten die via tuinafval de bermen koloniseren. Navraag bij omwonenden leverde in eerste instantie geen aanknopingspunten op voor gerichte recente aanplant. Ook in de tuinen van deze omwonenden bleek de soort niet voor te komen.

Winterheliotroop met kenmerkend blad

Alleen het karakteristieke blad  werd in 2016 nog maar op de foto gezet. Omwonenden verklaarden echter wel dat ze bloeiwijzen hadden gezien die zeer gelijkend waren aan Winterheliotroop. Begin januari 2017 is de groeiplaats nogmaals bezocht. En dit leverde zekerheid op. Een 15-tal bloeiende exemplaren en verdere informatie omtrent de groeiplaats.

Winterheliotroop: knoppen en blad

Ook nu weer voorzag een omwonende, een andere dan een jaar terug,  mij van wezenlijke informatie. De soort komt hier in ieder geval al sinds 2010 voor. Van aanplant was toen geen sprake. Hij heeft de groeiplaats rond die tijd wel volledig omgespit om de brandnetels en bramen die er toen stonden proberen kwijt te raken. De omwonende heeft connecties met Zeeland, maar niet met Middelburg en omgeving.

Winterheliotroop komt voor met zeker 60 exemplaren. De soort is hier zeker volledig ingeburgerd. Men kan dus rustig stellen dat Winterheliotroop niet meer een louter Zeeuwse soort is. Leuk!

Opmars van Glanzige ooievaarsbek

In de 20ste editie van de Heukels uit 1983, wordt Glanzige ooievaarsbek (Geranium lucidum) nog niet genoemd. In de 21e druk wordt de soort in kleine lettertjes afgedrukt en omschreven als “recent op enkele plaatsen opduikend in het westen van Nederland”. In de 22ste editie wordt Glanzige ooievaarsbek nu als een volwaardige soort gezien en als zeldzaam in het stedelijk gebied en de duinen omschreven. In de tot nu toe laatste editie van de Heukels uit 2005 wordt de soort ineens weer als zeer zeldzaam omschreven. Tenslotte wordt in Stadsplanten van Breda uit 2013 de soort omschreven als “neiging tot woekeren”.

Glanzige ooievaarsbek foto: Aad van Diemen
Glanzige ooievaarsbek. Foto: Aad van Diemen

Door het warmer worden van het klimaat is Glanzige ooievaarsbek inmiddels niet meer weg te denken uit het stedelijk gebied. De soort komt voor op schaduwrijke, vochtige, tamelijk voedselrijke stenige grond, onder heggen en aan de rand van plantsoenen. Dit werd in 2016 zeer goed duidelijk in de wijk Utrecht-Lunetten. Glanzige ooievaarsbek is daar inmiddels een

van de algemeenste soorten met naar schatting meer dan een half miljoen exemplaren! Bijna letterlijk zijn daar de brandgangen en plantsoenen vergeven van deze soort. Milieubewuste inwoners van Lunetten kunnen dit overigens lang niet altijd waarderen. Diverse brandgangen werden door hen ontdaan van deze soort, terwijl andere typische brandgangsoorten dan werden ontzien. Kortom, inmiddels zeker een woekerende soort, maar naar mijn mening wel een mooie….

Glanzige ooievaarsbek foto: Erik van der Hoeven
Glanzige ooievaarsbek. Foto: Erik van der Hoeven