Home » bijenplant

Tag: bijenplant

Kling klokje klingelingeling

Toen Erik van der Hoeven en ik zo tien jaar geleden serieus naar stadsplanten begonnen te kijken, als een soort subgroepje binnen de plantenwerkgroep in Breda, kwamen we hier en daar het kruipklokje (Campanula poscharskyana) tegen. Van jaar tot jaar zagen wij het aantal planten toenemen en zich verspreiden over over de stad en het buitengebied. Dit tot onze vreugde en wij hieven dan het lied aan met de tekst zoals die in de titel van dit stukje staat. Meer tekst hebben we niet. Het betere is de vijand van het goede, moet u maar denken.

Er blijkt in de verspreiding van het kruipklokje wel een voorkeur voor een stenige, warme omgeving. Je ziet dit klokje nauwelijks verwilderd in natuurgebieden.

Kruipklokje goed voor diverse soorten bijen

Ik houd me ook bezig met het inventariseren van wilde bijen, en was benieuwd of dit klokje ook aantrekkelijk was voor bijen. Recent ontdekte ik op diverse plaatsen op de begraafplaats Zuylen in Breda flink uitgegroeide kruipklokjes op diverse plaatsen. Deze werden behoorlijk bezocht door een diversiteit aan wilde bijen: diverse hommels, groefbijen, zandbijen en klokjesbijen. De lange bloeitijd van het kruipklokje maakt hem des te waardevoller.

Kortom, een reden te meer te zingen over dit klokje.

 

Mahonia en mahonie

Al vroeg in de winter, vaak al in november, begint de mahonia geel te kleuren en de hele winter door blijft hij tussentijds ‘gas geven’. Uiteindelijk zal de struik in het vroege voorjaar volop gaan bloeien en vrucht zetten. Er zijn maar weinig struiken die zo een lange bloeitijd kennen. Mahonia is matig vertakt maar dichtbebladerd. De bladen zijn geveerd met vijf tot negen blaadjes. Alleen het topblaadje is gesteeld. De blaadjes zijn taai, leerachtig, glanzen en hebben scherpe stekelpuntige bladtanden. Hoewel mahonia groenblijvend is, verkleuren de bladeren toch in de herfst: van dofpurper tot dieprood. Dat maakt de struik te meer aantrekkelijk als tuinstruik.

De bladen vallen niet af maar verkleuren wel

De bloemen zijn goudgeel, aangenaam geurend en talrijk. Ze staan in trossen. In het voorjaar vormen ze een waardevolle voedselbron voor insecten; vooral voor de diverse soorten hommelkoninginnen. De meeldraden zijn tactiel: ze klappen bij aanraking plotseling naar binnen. Daardoor raken de bezoekende insecten met stuifmeel overladen.

De bloemen zijn aantrekkelijk voor vroege bijen zoals hommels

De vruchten zijn blauwzwarte bessen die door vogels worden gegeten. Die poepen de zaden weer uit en zo kan de struik overal verschijnen. Omdat de struik ook door de gemeente nogal eens wordt aangeplant, zijn ‘tuinplant’ en ‘verwildering’ in de plantsoenen, niet meer uit elkaar te houden. De plant is oorspronkelijk afkomstig uit het Westen van Noord-Amerika, maar is inmiddels in West-Europa plaatselijk ingeburgerd. Dat wil zeggen dat hij niet algemeen is.

Mahonia behoort tot de berberisfamilie. Dit is in Nederland een kleine familie met maar één inheemse soort; de zuurbes (Berberis vulgaris). De wetenschappelijke naam van mahonia is Berberis aquifolium. ‘Berberis’ en is afgeleid van ‘barbaris’, een Arabisch woord voor de plant. ‘Aquifolium’ betekent ‘met scherp blad’.

De Nederlandse naam ‘mahonia’ komt van Bernard MacMahon, Iers-Amerikaanse kweker (1775 – 1846). Deze naam heeft niets te maken met de houtsoort en de diverse boomsoorten ‘mahonie’. Al de mahoniesoorten behoren tot Meliaceae, de mahoniefamilie, die uitsluitend in de tropen en subtropen voorkomt.

De naam van de boom ‘mahonie’ is afgeleid van ‘mahagoni’. Dat woord is indiaans, mogelijk van de eiland-Arowakken van Puerto Rico en heeft dus een heel andere etymologie dan van onze struik ‘mahonia’.

een andere mahonia met meer deelblaadjes

Mahonia komt in Breda algemeen voor. Dat weten we omdat de aanwezigheid makkelijk is vast te stellen door het zeer speciale blad, dat in de winter nog meer opvalt, want de struik is groenblijvend. In de meeste gevallen staat het struikje er niet fraai bij, want moet hij genoegen nemen met een klein plekje in een ligusterhaag of onder andere struiken in het plantsoen. Krijgt hij wel een plek in de zon, dan staat hij schitterend geel te stralen in het vroege voorjaarslicht.

 

Naschrift

Rutger Barendse schreef me dat ik een plaatje van een ander soort mahonia had opgevoerd in mijn oorspronkelijke versie. Dat is de foto waar nu ‘andere mahonia’ bij staat. In mijn onschuld was ik er vanuit gegaan dat er maar een soort was. Volgens Rutger kan het  Berberis x media of B. japonica zijn.  Deze verwilderen nauwelijks volgens hem. Als je het eenmaal weet, is het verschil niet moeilijk. Deze tuinplant heeft veel meer deelblaadjes. De punten van dit blad zijn vlijmscherp, zoals ik inmiddels weet uit ondervinding. Rutger heeft het goed gezien, het is de Berberis x media.

Het blad met de vlijmscherpe punten van Berberis x media