Home » papaverfamilie

Tag: papaverfamilie

Gele helmbloem – een stinsenplant op de muur

De Gele helmbloem (Pseudofumaria lutea) is van oorsprong inheems in het zuidelijke deel van de Alpen. De plant is in de negentiende eeuw in Nederland ingevoerd als stinsenplant. Stinsenplanten zijn planten die naar Nederland zijn gebracht om tuinen van kastelen, landgoederen en grote boerderijen kleur te geven. Vanuit die omgeving is de plant verwilderd. Aanvankelijk kwam Gele helmbloem alleen in het zuidelijk deel van Nederland voor met een voorkeur voor een kalkrijke, stenige ondergrond en voor de mergelomgeving van Limburg.

Gele helmbloem behoort tot de papaverfamilie waar ook Klaproos en Stinkende gouwe deel van uitmaken. De plant was zeldzaam en kwam in de vorige eeuw voor op de rode lijst van beschermde plantensoorten. Sinds 2017 heeft de plant zijn beschermde status verloren.

Gele helmbloem komt hoofdzakelijk voor op oude muren en wordt door de uitbundige groeiwijze vaak al van verre opgemerkt. In de stad groeit de Gele helmbloem vooral op oude stadsmuren, muren rond kerkhoven en kademuren.

De helder gele bloemen lijken met enige fantasie op een Romeinse helm en vormen rijke trossen. De bloemen zijn tweezijdig symmetrisch, wat betekent dat je de bloem maar op één manier kunt doorsnijden om te bereiken dat de twee bloemhelften elkaars spiegelbeeld zijn.

Gele helmbloem is tweezijdig symmetrisch. Je kunt de bloem maar op één manier doorsnijden om een spiegelbeeld van de linker en rechter helft te krijgen.

De plant bevat een giftige alkaloïde die bij paarden bv. ontstekingen en zweren kan veroorzaken in de bek, kan leiden tot koliek en zelfs tot de dood. De zwarte zaden zijn voorzien van een mierenbroodje. Dat maakt ze aantrekkelijk voor mieren die de zaden verslepen en zo bijdragen aan de verspreiding van de plant.

Gele helmbloem bevat een giftige alkaloïde die dodelijk kan zijn voor paarden

Op de pagina’s Stadsplanten van Amersfoort proberen wij vooral aandacht te geven aan planten die algemeen voorkomen in een bepaalde tijd van het jaar. Dat geeft de grootste kans dat de beschreven plant eenvoudig op dat moment gevonden kan worden in de eigen omgeving. Daarnaast melden wij uiteraard ook vondsten van bijzondere, zeldzame planten.

Joop de Wilde

Stinkende gouwe – tegen wratten en oog- en galziekten

Stinkende gouwe is bepaald niet zeldzaam te noemen. Het is een plant die van verre al opvalt door de helder gele, bijna goudkleurige bloemen. De Nederlandse naam is eenvoudig te verklaren. De plant ruikt onaangenaam en “gouwe” is afkomstig van het woord “gouden” en duidt op de kleur van de bloemen en het oranje-gele sap van de plant. Het is ook terug te vinden in volksnamen als Gele Gou, Goude, Goudkruid, Goudwortel en Stjonkende Gouwe. Stinkende gouwe wordt ook wel Zwaluwenkruid of Wrattenkruid genoemd.

De naam “Zwaluwenkruid” is te verklaren uit de Latijnse naam Chelidonium. In het begin van de jaartelling leefde de Griekse arts Pedanius Dioscorides in Rome als chirurg in het leger van keizer Nero. Hij onderzocht in het hele keizerrijk planten die een geneeskundige werking hadden. Hij schreef een vijfdelige encyclopedie over kruidengeneeskunde. Stinkende gouwe werd door hem Chelidonion genoemd en dat betekent ‘Zwaluwenkruid’. De naam wordt verklaard doordat de bloeiperiode van Stinkende gouwe zou samenvallen met de aankomst in het voorjaar en het vertrek in het najaar van de zwaluwen. Ook zouden, volgens Dioscorides zwaluwen het sap van de plant gebruiken om hun blind geboren jongen de ogen te openen. Over de geneeskrachtige werking straks meer.

De plant behoort tot de Papaverfamilie maar lijkt totaal niet op andere papaverfamilieleden zoals de klaproos en de helmbloemen. De bladeren zijn aan de onderkant blauwgroen van kleur, diep veerdelig, bijna geveerd. De eindslip van elk blad is in drieën gespleten. De heldergele tot goudkleurige kroonbladen zijn in een kruis geplaatst waardoor je in eerste instantie denkt misschien met een kruisbloemige te maken te hebben. Maar al snel blijkt dat de specifieke kenmerken van de kruisbloemige zoals zes meeldraden waarvan 2 korte en 4 lange, uitzonderingen daar gelaten, niet aanwezig zijn. Er zijn wel tegen de 20 meeldraden aanwezig waarbij de helmdraden naar boven toe breder wordt. Bij de Stinkende gouwe kunnen ook gevulde bloemen voorkomen. Bij de meeste planten van de Stinkende gouw is sprake van een enkele krans bestaande uit vier kroonbladen. Bij gevulde bloemen is sprake van twee of meer kransen kroonbladen.

Stinkende gouwe met gevulde bloemen

De stengel is verspreid behaard en met het blote oog duidelijk zichtbaar afstaande haren.

De afstaande beharing op de stelen van Stinkende gouwe

De voortplanting kan bevorderd worden door mieren. Op het vruchtbeginsel zijn twee stempels aanwezig. De vrucht wordt wel een paar centimeter lang en bestaat uit twee kleppen. De vrucht lijkt daardoor op een hauw maar is dat niet omdat een tussenschot ontbreekt. De mieren zijn geïnteresseerd door een olierijk aanhangsel aan de zaden. Het zogenaamde mierenbroodje. Mieren zijn er verzot op en slepen de zaden mee hun nest in. Op die manier dragen ze bij aan de verspreiding van de soort.

We komen nog even terug op de toegeschreven geneeskrachtige eigenschappen van Stinkende gouwe. In de plant komen giftige alkaloïden, etherische oliën en saponine voor. De laatste stof wordt door de plant gebruikt als bescherming tegen insectenvraat en tegen schimmels en bacteriën. De giftige uitwerking van de  stoffen van de plant wordt omschreven als een morfinevergiftiging. Zijn grootste bekendheid, in de reeks medische toepassingen, is als middel tegen wratten. Als wratten gedurende enige tijd frequent aangestipt worden met het oranje-gele sap van de plant dan zouden wratten verdwijnen. In het verleden werd het sap van de Stinkende gouwe ook gebruikt bij oogkwalen, behandeling van geelzucht en andere galproblemen, tandbederf en overmatige lichaamsbeharing.

Kenmerkend voor Stinkende gouwe is het oranje-gele melksap

Stinkende gouwe groeit graag in een stedelijke omgeving, maar kan ook gevonden worden in loofbossen of op muren. De plant heeft een voorkeur voor vestiging onder struikgewassen en heggen. Door de heldergele bloemen en de lange bloeitijd is het ook een plant die graag in tuinen wordt toegepast.

Op de pagina’s Stadsplanten van Amersfoort proberen wij vooral aandacht te geven aan planten die algemeen voorkomen in een bepaalde tijd van het jaar. Dat geeft de grootste kans dat de beschreven plant eenvoudig op dat moment gevonden kan worden in de eigen omgeving. Daarnaast melden wij uiteraard ook vondsten van bijzondere, zeldzame planten.

Joop de Wilde