Tag: struik

Hulst – een stekelige kerstplant met vuurrode bessen

Laten we beginnen met een aardig raadseltje. Wat onderscheidt Hulst van de Larix? Het antwoord: Hulst is de enige boom die van nature voorkomt in Nederland en ’s winters groen blijft. De Larix is de enige naaldboom die van nature in Nederland voorkomt en ’s winters zijn naalden verliest.

Hulst en het kerstfeest zijn onverbrekelijk met elkaar verbonden. Daarom is de decembermaand een ideaal moment om de aandacht te richten op Hulst. De Romeinen gebruikten al hulst bij de viering van Saturnalia. Het feest van de zonnewende. Het moment dat de zon in december de zuidelijke keerkring bereikt. De Romeinen vierden dat op 21 december in onze kalender.

Ook in de christelijke traditie is sprake van het gebruik van Hulst. Volgens een oude christelijke legende ontkiemde een hulst onder de voetstappen van Jezus. Zijn stekelige bladeren (de doornenkroon) en oranjerode bessen (bloed) voorspelden het lijden van de heilige man. In verschillende Europese landen noemt men hulst ‘Christusdoorn’. In oude Engelse kerkkalenders wordt de kerstavond beschreven als de avond van de ‘templa exornantur’ wat zoveel betekent als “met hulsttakken versierde kerken”. Dit gebruik bestaat nog steeds (bron:http://www.stemderbomen.nl/ pages/mainpages//Beschermende-hulst.htm

Als we struiken en bomen op deze website niet echt tot de stadsplanten rekenen zou ik niet stil mogen staan bij deze bijzondere plant/struik/boom. Maar omdat Hulst zoveel verschijningsvormen kent ben ik zelf van mening dat deze vertegenwoordiger van de flora hier goed op zijn plaats is. Zoals al opgemerkt kent de plant vele verschijningsvormen. De meeste mensen kennen Hulst als klein houtachtig gewas of als struik. Maar Hulst kan uitgroeien tot een forse boom met een hoogte van wel tien meter. Het verspreidingsgebied strekt zich uit van het noordwesten van Afrika, het zuidwesten van Azië tot en met Zuid- en West-Europa. In deze bijdrage zullen we Hulst verder als plant betitelen.

Als de plant niet bij het tuincentrum vandaan komt en zijn eigen vestigingsplekje mag uitzoeken dan voelt Hulst zich uitstekend thuis in loofbossen zoals eiken- en beukenbossen, op vochtige, matig voedselrijke zand- en leemgrond en op oude houtwallen. De plant verdraagt uitstekend zure grond. Hulst heeft een zinkerwortelstelsel. Een dergelijk wortelstelsel bestaat uit horizontaal lopende hoofdwortels (vlak wortelstelsel), die dicht onder het maaiveld liggen. Aan deze hoofdwortels ontstaan wortels die verticaal, de diepte in groeien (zinkers). Alleen als er voldoende ruimte is voor een goede ontwikkeling van een oppervlakkig hoofdwortelstel en zich daardoor zich voldoende zinkers kunnen vormen, kan Hulst uitgroeien tot een boom. De stam van de Hulst heeft een dunne en gladde bast. Het hout is hard en ivoorwit van kleur.

Aan één en hetzelfde Hulsttakje kunnen bladeren met scherpe stekels en bladeren met een gave bladrand voorkomen.

Ook het blad van de Hulst is interessant. Bij Hulst denken wij allemaal aan bladeren die scherp getand zijn met scherpe stekels. Maar aan één en dezelfde struik – zelfs binnen één en hetzelfde takje – kunnen bladeren voorkomen die scherp getand zijn en bladeren die een volledig gave bladrand hebben. Zeker als de plant ouder wordt neemt het aantal bladeren met een gave bladrand sterk toe. Daar is nog geen verklaring voor gevonden. Hulst kan zeer oud worden. Honderd tot driehonderd jaar is geen uitzondering.

De hele winter draagt Hulst veel mooie, dieprode bessen. De rode steenvruchten zijn voor de mens giftig. Voor vogels geldt dat gelukkig niet. Toch zijn de bessen niet super populair bij vogels. Zij zijn het meest geliefd bij Appelvinken. Lijsters beginnen er pas aan als tegen het eind van de winter de andere bessen zijn weggevreten. Hulst is een geliefde struik of boom om te nestelen. De stekelige bladeren, die bescherming bieden, zullen ongetwijfeld daar een bijdrage aan leveren.

Afrondend: Hulst hoort bij de kerst. Niet alleen vanwege een eeuwenlange traditie maar ook omdat veel mensen de takken met mooie diepgroene bladeren en de vuurrode bessen graag met de donkeren dagen rond Kerst in huis willen hebben. Het betekent wel dat elke tak met bessen, die gezelligheid in ons huis brengt, de kans op een potentiële Hulstboom om zeep brengt. De soort is echter totaal niet bedreigd. Dus geniet er van.

De bloemtrossen van de Hulst bevinden zich in de oksels van de bladeren. De plant is tweehuizig. Daarom vind je planten zonder en met bessen.

Op de pagina’s Stadsplanten van Amersfoort proberen wij vooral aandacht te geven aan planten die algemeen voorkomen in een bepaalde tijd van het jaar. Dat geeft de grootste kans dat de beschreven plant eenvoudig op dat moment gevonden kan worden in de eigen omgeving. Daarnaast melden wij uiteraard ook vondsten van bijzondere, zeldzame planten.

Joop de Wilde

Wintertroost

Voor de botanist zijn groenblijvende planten in de winter een kleine troost. Er is dan tenminste iets om naar om te zien. Is dit een nieuwe plant in de stad? Vaak zijn die groenblijvende planten struiken of bomen. Zo ook de buxuskamferfoelie (Lonicera nitida). Tot mijn verrassing vond ik dat Baudewijn Odé al in 2009 al een artikel in Nature Today heeft gewijd aan de verwildering van dit struikje.  Op zoek naar dwergmispelsoorten (Cotoneaster ss) zag ik zelf het struikje eerst ten onrechte aan voor buxus. Dank aan  Koos Ballintijn van Waarneming .nl. Niet voor niets heeft Baudewijn Odé, neem ik aan, het struikje buxuskamperfoelie genoemd. De blaadjes zijn net als bij buxus glimmend en tegenoverstaand, maar niet leerachtig.

De blaadjes zijn glimmend
Takken staan boogvormig

Een ander verschil is dat bij buxus wel merg in de stengel is en bij deze kamperfoelie niet. Het struikje is afkomstig uit China en komt door het hele land verwilderd voor, zij het vooral in het stedelijk milieu. Voor Breda is hij nieuw voor de lijst. Rutger Barendse wijst erop in een reactie, dat er een sterk gelijkende soort bestaat, Lonicera pileata. De bladeren van L. pileata zijn wat frisser groen en staan lichtjes naar voren ten opzichte van de stengel.

De geslachtsnaam ‘Lonicera’ is genoemd naar A. Lonitzer (1528-1586) schrijver van een groot werk over natuurlijke historie. De soortaanduiding ‘nitida’ betekent ‘glanzend’.