Tag: tuinmuur

Rolling Stones?

Stel je voor: je hebt een leuk huis, mooie tuin ervoor met een leuk oud muurtje daar om heen. Op dat muurtje groeien wat plantjes en dat vind je best leuk. Als je lekker aan het werk bent in de tuin komt er een florist langs die tegen je zegt: wat een mooie Steenbreekvaren heeft u daar op uw muurtje staan. Dan schrik je je toch een hoedje. Steenbreekvaren! Je ziet je mooie muurtje al volledig instorten …

Nu weten wij floristen wel dat dat zo’n vaart niet zal lopen. De tere wortels van de Steenbreekvaren (Asplenium trichomanes) maken gebruik van de reeds bestaande verwering van de muur en hebben in de verste verte niet de kracht om die muur te beschadigen. Maar hoe komt die varen dan aan die naam?

Volgens de website Stadsplanten van Breda heeft de naam te maken met het feit dat deze varen vaak in scheuren van de muur groeit. Een weinig spectaculaire verklaring dus. Als dat zo is dan zijn eigenlijk al die muurvarens steenbreekvarens.
Veel buitenlandse namen van deze varen hebben het woord “haar” in de naam: Maagdenhaar, English maidenhair of trichomanes, Duitse Jungfrauenhaar, Frans capillaire en trichomane. Die naam heeft het te danken aan de vele zwart glanzende steeltjes als fijne haartjes.

De Steenbreekvaren is vrij gemakkelijk te herkennen. De varen heeft vrij lange smalle bladeren met veel kleine helder lichtgroene deelblaadjes. Hij blijft ’s winters groen en heeft in de zomer rijpe sporen die zich in langwerpige hoopjes in strepen onder de deelblaadjes bevinden.

Floristen zouden geen floristen zijn als ze niet enkele ondersoorten zouden vinden. Zo groeit er in ons land ook de IJle steenbreekvaren (Asplenium trichomanes subsp. trichomanes). Zonder hier verder op in te gaan kan je er van uit gaan dat de plant een ijlere indruk maakt, de deelblaadjes staan wat verder van elkaar af. Voor de volledigheid, de Gewone steenbreekvaren heet in het Latijn Asplenium trichomanes subsp. quadrivalens. Maar dat mag je van mij best in je pet gooien. Ga eerst maar eens genieten van die prachtige, subtiele Steenbreekvarens die onze muren verlevendigen.

Steenbreekvarens op een kademuur.

Waar vind je ze? Steenbreekvarens groeien op vochtige muren en rotsen. Je vindt ze dus op kademuren maar ook op oude tuinmuurtjes en zelfs in brandgangen op stenen tuinhuisjes. De varen kan echter ook op de grond groeien en soms op zelfs op boomstronken. Dat vind ik geen echte Steenbreekvarens.  Dat zijn gewoon mietjes. De echte Steenbreekvaren staat natuurlijk met zijn wortels in de mortel.

Een nieuwe varen voor Deventer

Zo nu en dan gebeurd het dat ineens iets opvalt. Jarenlang ben ik er al langs gelopen en opeens een paar glanzende donkergroene blaadjes op een tuinmuurtje op het noorden begroeid met mos. Het blijkt een varentje te zijn, niet heel groot, maar anders dan de andere varens die ik ken. Een uitdaging, soorten in deze groep, moet ik zeggen. Deze kwam me zelfs niet bekend voor. Altijd is de camera beschikbaar, hetzij van de telefoon – want waarnemingen voor waarneming.nl moeten altijd gedaan kunnen worden, nietwaar?- hetzij mijn spiegelreflexcamera voor het betere werk. Foto gemaakt en op zoek naar de naam. Na vruchteloos zoeken op de vertrouwde bronnen (verspreidingsatlas.nl, wilde-planten en nederlandsesoorten) niet direct een hit. Of toch wel, het lijkt op een schildvaren van het geslacht Polystichum, maar eeeh, deze staat er niet bij.
Een post op het forum van waarneming.nl levert op dat dit een atypische , nogal kleine versie van een soort is die nog niet lang in Nederland voorkomt , te weten Polystichum polyblepharum, de soort heeft nog geen officiële Nederlandse naam, zie het voorkomen zoals verspreidingsatlas dat laat zien.

Bijgaande foto is de originele post op waarneming.nl. Het is een aanvulling van de lijst van soorten voor Deventer.