Home » zeer zeldzaam

Tag: zeer zeldzaam

Net geen Zevenblad

Een bloeiend Zevenblad in oktober? Als je dat ziet een advies; toch even van naderbij bekijken. In Genk bleek het van afstand geschatte Zevenblad een rariteit: Chaerophyllum byzantinum. Eerder werd deze plant Chaerophyllum aromaticum genoemd, maar nadere beschouwing leverde op dat het toch de zeer gelijkende  Chaerophyllum byzantinum moest zijn. Het is moeilijk om het predicaat zeldzaam toe te passen op dergelijke vondsten. Chaerophyllum byzantinum was slechts eenmaal eerder gevonden in België; te Luik. In Nederland is er nog geen melding.  In Genk is de plant waarschijnlijk op een of andere manier geïntroduceerd. Een uitheemse soort dus. De plant groeide in overdaad aan de rand van een tuin, in de aanliggende wegranden en op een omgewoelde plaats van een gesloopt huis. Een echt stads plekje.

DSCN9572

Chaerophyllum byzantinum is een witte schermbloem waar er vele gelijkende van zijn. De plant heeft grotere deelblaadjes en dat is al een goed kenmerk om een groot deel van de schermbloemen uit te sluiten. Veel schermbloemen hebben namelijk fijnslippige bladeren. De vrucht van de gevonden planten bleken langwerpig en dat geeft Chaerophyllum al direct een goede kans. Van deze specifieke soort is verder de geur, iets tussen anijs en selderij in , de vele omwindselblaadjes en de roodachtige gevlekte stengel van belang. Het gelijkende Zevenblad is onbehaard, heeft ronde vruchten, een onbeduidende geur en alle stengels zijn groen.

DSCN9566

Chaerophyllum byzantinum is een soort uit Turkije met enkele voorposten in de Balkan. Ze onderscheid zich van de zeer gelijkende Chaerophyllum aromaticum door de vorm van de blaadjes. Bij Chaerophyllum aromaticum zijn deze lang gepunt en hebben een wigvormige bladvoet. Bij Chaerophyllum byzantinum is de bladvoet afgerond en de bladpunt stomper. Chaerophyllum byzantinum is mogelijk met opzet geïntroduceerd uit Turkije en heeft mogelijk ook een culinaire functie.  Ook in Duitsland (Dortmund) is de soort al vastgesteld en mogelijk betreft een vondst uit Parijs ook deze soort. Op internet staan foto’s van C. aromaticum die toch C. byzantinum lijken.  In de Flora van Turkije wordt vermeld dat beide soorten mogelijk eerder ondersoorten zijn van dezelfde soort, dus de verwarring tussen de soorten is begrijpelijk.

Binnen de familie schermbloemen duiken met regelmaat ook nog nieuwe inheems te noemen soorten op in Nederland en België. Dat heeft veel te maken met het feit dat ook botanisten er makkelijk overheen kunnen kijken. Stel je een berm voor vol met Fluitenkruid en je weet ook direct waarom.

Een Aziatisch kleinood

Sommige plantjes zijn zo klein, fragiel en mooi, dat je er geen kwaad woord over zou willen horen. Mazus pumilus, een uitheemse plant nog zonder Nederlandse naam, heeft leeuwenbekachtige, zachtpaarse bloemetjes met een gele tekening en wordt niet hoger dan 10 centimeter. Ze wordt niet gekweekt maar lijkt een verstekeling te zijn bij tuinplanten. De plant is oorspronkelijk inheems in Azië, onder andere in Japan en China. Sinds enige jaren groeit ze met tientallen, in 2016 met honderden, op een droogvallende oever van een grindplas langs de Grensmaas. Mogelijk is ze er ooit eens aangespoeld. In de Maas, die in een deel van haar stroomgebied een tamme stadsrivier genoemd kan worden, is nog steeds veel afval te vinden. Veel mensen vinden het bijvoorbeeld nog heel gewoon om hun tuinafval er in te storten. Op deze manier kunnen planten, ook uitheemse, zich makkelijk verspreiden.

Industrieterreinen

De meeste mensen krijgen bij industriegebieden een beeld van grijze opslagloodsen, verwaarloosde terreinen en roestige containers. Voor floristen echter, zijn industriegebieden zeer interessant. De verwaarloosde terreinen zitten immers gigantisch vol met plantensoorten. Maar er is meer aan de hand! De industrieterreinen worden dagelijks bezocht door misschien wel honderden vrachtwagens en vrachtschepen die van allerlei exotische landen komen. In het profiel van de banden, onder de zolen van de chauffeurs en in de kratten met geleverde producten verstoppen zich vele plantenzaden die “op vakantie” gaan in Nederland. De zaden die geschikte bodem weten te vinden, kunnen ontkiemen en zich tot een nieuwe plant ontwikkelen om vervolgens meer kiemkrachtige zaden te produceren. Bij een verwaarloosd onkruidbeleid, kan het voorkomen dat dergelijke soorten zich flink uitbreiden en uiteindelijk besluiten te blijven, in welk geval we spreken van inburgering.

Omslagfoto

knikbloem
knikbloem

Zo zijn op het industriegebied in Nijmegen soorten als Oosterse raket (Sisymbrium orientale), Amerikaanse kruidkers (Lepidium virginicum), Aziatische veldkers (Cardamine occulta) en Perzische klaver (Trifolium resupinatum) te vinden. Zoals de namen doen vermoeden, zijn al deze soorten niet inheems, maar afkomstig uit het buitenland: zogeheten exoten. Er is echter een kroonjuweel te vinden in het industriegebied ten noordwesten van Nijmegen en deze draagt de naam Knikbloem (Chondrilla juncea). Nederland behoort tot de meest noordwestelijke verspreiding van de soort, waardoor deze hier zéér zeldzaam is. De soort gaat ook nog eens sterk achteruit, er zijn nog slechts twee vindplekken van de negen ooit gevonden over. Langs een niet langer gebruikt spoor op het Nijmeegse industrieterrein zijn honderden exemplaren te vinden van deze soort, waarmee dit de grootste populatie in Nederland is. Deze composiet kenmerkt zich o.a. door de vele kleine bloemhoofdjes, de blauwgroene bladkleur, de langwerpige en diepgegroefde kelk en de zeer stijf behaarde stengel en bladrand. Er zijn nog veel slecht geïnventariseerde industriegebieden en daarmee waarschijnlijk nog vele leuke ontdekkingen te doen!

knikbloem
knikbloem