
Over struikelen
Eind 2025 vraagt Theo Peeters, mijn collega in de insectenwerkgroep Tilburg, of ik steeneiken (Quercus ilex) weet te staan in Breda. Hij is op zoek naar de steeneikgalwesp die sinds enige tijd in Nederland is gesignaleerd. Toevallig staan sinds 2024 twee vondsten van steeneik op de lijst van stadsplanten Breda. Jacques Rovers, de coördinator FLORON van Breda, meldt dat er nog veel meer steeneiken te vinden moeten zijn in Breda. Hij vindt veel zaailengen in zijn tuin van de steeneik van zijn buurman. Dat is hoopvol, maar nog niet erg concreet. Kort daarna ga ik met een aantal mensen op Eindejaarsplantenjacht en we lopen langs de voet van de geluidswal bij Bavel. We passeren een hulst en ik kijk of de hulst bloeit. ‘Is dat wel een hulst’, zegt iemand. U raadt het al: een steeneik. Even verder staan er nog drie; alle 3,5 m hoog. Waarschijnlijk meegekomen als zaad bij de aanleg van de wal ruim 30 jaar geleden.

Enkele dagen later besluiten mijn vrouw en ik een wandeling vanuit Bavel naar Breda te maken op een route binnendoor, langs huizen met voortuinen. Het zoekbeeld van steeneik staat inmiddels scherp op mijn netvlies. Tot onze verbazing treffen we onderweg op zes verschillende plekken een twintigtal steeneiken aan: als leiboom, haag, vrijstaand.

Op internet blijkt er een groot aanbod te zijn van steeneiken. Als fraaie afsluiting vinden we aan het eind van onze tocht, dicht bij het centrum, twee oude knarren, van ongeveer 100 jaar denken wij.

Enkele dagen daarna passeer ik vlakbij huis een klein plantsoen, waar ik zeker al 1000 keer ben langs gekomen en zie een hulstachtig struikje van 50cm hoog, en ja hoor: steeneik.

Dan herinner ik me een blog over haaginwijkelingen van 24 juli 2022. Daarin schrijf ik, dat ik twee bomen in de haag niet kan thuisbrengen. De betreffende haag staat nog steeds schuin aan de overzijde van mijn huis. Ik vind daar op vier plaatsen steeneiken.

Kortom, in Bavel struikel je over de steeneik. Nu nog de steeneikgalmug.
Over steeneik
De steeneik is een groenblijvende boom die inheems is in het Middellandse Zeegebied. In Zuid-Engeland komt hij echter verwilderd voor evenals in Bretagne en Normandië. De steeneik verdraagt zeewind goed. De Engelse naam ‘holm oak’ verwijst daarnaar, want betekent letterlijk zee-eik. De bladeren lijken op hulst, maar zijn minder stug en stekelig. Zoals op bovenstaande foto goed is te zien, zijn de bladeren lichter groen van kleur dan hulst. Ze zijn van onderen wit of groen viltig. De eikels zijn klein en worden voor de helft omsloten door viltig geschubde napjes. De schors is vrijwel glad. Zie onder.

De boom wordt niet heel hoog en de stam niet heel dik. Vaak houdt de boom een struikachtig postuur.De steeneik levert zeer hard, zwaar hout, in kleine afmetingen, dat azijnhout genoemd wordt. Dat werd vroeger gebruikt voor de spaken van wielen en raderen van windmolens.
De geslachtsnaam ‘quercus’ komt uit het Latijn en stamt van een zeer oud Indo-Europees woord dat ‘boom’ betekent. De soortaanduiding ‘ilex’ verwijst natuurlijk naar de huidige wetenschappelijke naam voor hulst. ‘Ilex’ was ooit de Latijnse naam voor steeneik. Het woord ‘ílex’ zelf komt waarschijnlijk uit het Keltisch en betekent puntig.


