Klimopereprijs alleen of als groep

Klimopereprijs (Veronica hederifolia) is een van de weinige voorjaarsoorten die in deze blog nog niet is besproken. Misschien komt het door zijn groeiplaats. Je vindt deze soort vooral langs bosranden, open plekken in het bos, onder houtwallen, onder bomen in weilanden en in akkers. Dit zijn allemaal niet-stadse biotopen. In de stad heb je echter veel plantsoenen, parken, heggen, boomspiegels en ook tuinen. Daar is deze soort ook veelvuldig aan te treffen. Op het moment dat deze blogpost verschijnt is klimopereprijs volop in de stad te vinden.

Klimopereprijs: habitus. Foto van Willem Braam.

Deze eenjarige plant houdt wel van een zonnetje maar groeit vaak op plekken die zomers flinke schaduw hebben. Door die schaduw blijven die plekken vaak kaal. In het voorjaar, als de bomen nog geen blad hebben, zijn daar zonnige plekken waar deze soort de ruimte vindt om te groeien. Als het niet te droog is pioniert Klimopereprijs ook op braakliggende grond, bij muren en allerlei open plekjes in de bebouwde kom. Belangrijk is dat bij de kieming in het najaar, er kale plekken zijn. In de voorzomer als de bomen goed in het blad komen is de soort al verdwenen.

Allerlei soorten bodem zijn prima om in te groeien, alleen op zware klei, veengrond en droge zandgronden is deze soort moeilijk te vinden. Een beetje vocht, maar niet teveel, in de bodem is ook nodig.

Beschrijving

Klimopereprijs heet zo vanwege het blad. Dat is rondachtig met drie tot zeven lobben en een grote eindlob en lijkt wel op het blad van Klimop (Hedera helix). Hij is een ereprijs en ereprijzen vormen een vrij groot geslacht waarvan er in Nederland twee dozijn soorten voorkomen. Daarvan zijn er in deze blog al vijf soorten besproken waarvan drie al tweemaal: Veldereprijs (Veronica arvensis), Draadereprijs (Veronica filiformis), Grote ereprijs (Veronica persica). Deze soorten zijn in de stad gemakkelijk te vinden.

Klimopereprijs: blad. Foto van Sonja Bouwman.

De planten zijn laagblijvend. De stengels zijn liggend-opstijgend of staan soms rechtop. De bloemen zijn lichtblauw met donkere aders. De kroonbladeren zijn iets kleiner tot even groot als de kelk. De kelkslippen zijn hartvormig met in de vruchttijd naar buiten gebogen zijranden. Op de hele plant, behalve de vrucht, komen lange haren voor.

Klimopereprijs: bloemen met kelkblad. Foto van Joop Verburg.

Taxonomie, huh.

Tax wat? Ben je niet intensief met planten bezig dan is taxonomie een vreemd woord. Een echte vakterm. Tax is afgeleid van taxon. Een taxon is een andere naam voor groep. Een soort, geslacht of familie zijn een taxon. Nomie is van nomen en dat betekent naam. Dit zit in de uitdrukkingen nomen est omen: de naam is een voorteken, en nomen nescio: naam onbekend.

Taxonomie wil dus aan groepen planten een naam geven. Ook aan dieren, schimmels en bacteriën, maar daar gaat deze post niet over. Verder wordt aangegeven wat er wel en wat niet bij de groep hoort. Een uniforme groep is makkelijk, maar soms is er variatie aanwezig en dan komt de vraag of er sprake is van slechts één groep of van meer groepen. Een voorbeeld is Klimopereprijs. Er zijn plantkundigen die van mening zijn dat er in Nederland maar één soort, één taxon, voorkomt. Anderen onderscheiden drie soorten: Bosklimopereprijs (Veronica hederifolia subsp. sublobata), Akkerklimopereprijs (Veronica hederifolia subsp. hederifolia) en Drielobbige ereprijs (Veronica hederifolia subsp. triloba). De vorm van de bloemkroon en het aantal bladlobben zijn verschillend. Subsp. is een afkorting voor subspecies en dat betekent ondersoort. Ondersoorten verschillen van elkaar maar zijn wel in staat om onderling te kruisen.

Of er nu sprake is van een soort, drie ondersoorten of zelfs drie soorten levert een discussie op voor de echte liefhebbers. Voor elke opvatting: een of drie ondersoorten of zelfs drie soorten zijn aanhangers. En natuurlijk zijn er argumenten voor elk van de verschillende opvattingen. Zo’n discussie is precies waar taxonomie mee bezig houdt. Specialisten in deze materie heten taxonomen. In essentie houdt taxonomie zich bezig met het soortbegrip. Het voert te ver om er hier dieper op in te gaan, maar de vraag wat een soort is, is niet eenvoudig te beantwoorden. Ik vermeld dit hier omdat op internet al deze namen voorkomen en door elkaar worden gebruikt omdat er verschillende opvattingen zijn. Dit is verwarrend en ik heb de reden willen toelichten.

Schijnbaar een andere soort?

Er is echter nog een klimopereprijssoort waarvan iedereen het over eens is dat het een aparte soort is: Schijnklimopereprijs (Veronica cymbalaria). In bloei of in vrucht is deze soort duidelijk anders dan de gewone Klimopereprijs. De bloemen van Schijnklimopereprijs zijn veel groter, bijna twee keer zo groot en wit. Klimopereprijs heeft roze, paarsachtige of blauwachtige bloemen maar nooit witte. De vruchten hebben lange haren, die van Klimopereprijs zijn kaal.

Zonder bloemen of vruchten is het een stuk lastiger maar bloemen en vruchten zijn zo afwijkend dat het voor iedereen wel twee soorten zijn. Dat Schijnklimopereprijs oorspronkelijk voorkwam in Zuid-Europa en pas door de huidige opwarming in Nederland kan groeien wijst daar ook op.

Gewildgroei in de tuin?

Afkomstig uit Zuid-Europa is deze soort als onkruid in kuipplanten in Nederland terecht gekomen. In 2010 werd Schijnklimopereprijs voor het eerst in Nederland gevonden. Ik heb Schijnklimopereprijs in 2019 op een industrieterrein in Diemen gevonden. Daarna nooit meer totdat ik in 2023 in mijn tuin aan de voet van de schuifpui de witte bloemen van Schijnklimopereprijs zag. Ik denk dat ik zaad aan mijn schoenen heb meegenomen. Misschien niet dat jaar maar in latere jaren toen ik op de groeiplaats snuffelde in de hoop Schijnklimopereprijs weer aan te treffen. Ik weet niet hoe lang het zaad kiemkrachtig blijft, maar als eenjarige pionier zal dat meer jaren zijn. Inmiddels is mijn hele tuin gekoloniseerd. Vooral op plekjes die pas later in het jaar begroeid raken en langs de gevels en schuttingen. Inmiddels komt de soort ook voor in de versteende tuinen van de buren. In de voegen van de bestrating doet hij het ook goed zolang het maar uit de loop ligt.

Schijnklimopereprijs. Foto van Peter Wetzels.

Gewildgroei is gemunt door Ton Denters en verwijst naar het feit dat niet alle spontane plantengroei ongewenst is en dus ‘onkruid’ is. Niet alleen Madeliefjes (Bellis perennis), Paardenbloemen (Taraxacum officinale), Grote kattenstaart (Lythrum salicaria) en Gele lis (Iris pseudacorus) vinden mensen leuk om te zien, maar ook allerlei andere stadsoorten.

Nu woekert Schijnklimopereprijs in mijn tuin. Ik heb daar geen probleem mee, want in mei is de levenscyclus voltooid en resten er slechts wat verdroogde stengels. Hij zit dus andere soorten niet in de weg. Mocht Schijnklimopereprijs dezelfde weg gaan als Schijnaardbei (Potentilla indica) en een algemeen onkruid in tuinen worden, dan zal hij minder ergenis veroorzaken. Schijnaardbei verstikt andere laagblijvende soorten met zijn uitlopers en is als vaste plant het hele jaar aanwezig. Schijnklimopereprijs is veel bescheidener. Het wortelt als eenjarige ondiep en is indien nodig gemakkelijk te verwijderen. Verder vertoont hij zich op een moment dat alleen bolgewassen de tuin kleur geven en is geen plakker maar maakt op tijd plaats voor andere planten.

Bronnen

Sleutel van Klimopereprijs op waarneming.nl

Klimopereprijs op de verspreidingsatlas.nl

Nederlandse Oecologische Flora deel III Weeda et al 1988

Stadsflora van de lage landen Ton Denters 2020

Over de auteur

Recente berichten