Home » hop

Tag: hop

Hop

Onlangs viel mij tijdens mijn werk als postbode natuurlijk weer een plantje op. Dit keer niet de echte bloemen maar het gevolg daarvan, de typische hopbellen. Laat ik beginnen bij het begin. Hop (Humulus lupulus) is een plant uit de hennepfamilie (Cannabaceae) maar de Hop hoef je niet in een sigaret te proberen; het is uitsluitend familie. Hop is een vaste plant die overwintert als wortelstok. Hop is geen zelfhechtende slingerplant maar heeft een gastheer nodig om omhoog te groeien. Hop is een rechtswindende slingerplant waarvan de stengels zich tegen de zon in naar boven werken.

De plant is een zogenaamde hemikryptofyt. Dat is een levensvorm van tweejarige- of vaste plant met de knoppen op of iets onder de grond, zodat ze worden beschermd door de strooisellaag. De knoppen bevinden zich vaak in basale delen van scheuten van het voorgaande jaar. Zo kunnen de planten een ongunstige periode, zoals een winter, hete zomer of periode met schaduw, overleven.

De naam hemikrypofyt komt uit het Grieks/Latijn. Hemi betekent “half”, krypto betekent “verscholen/verborgen” en phyte betekent “plant”. Dus totaal “half verscholen plant”.

De hopplant is een tweehuizige plant wat betekent dat er óf mannelijke óf vrouwelijke bloemen zitten aan de hopstruiken. Nooit samen. Juist deze mannelijke bloemen wilde ik fotograferen. Maar in tegenstelling tot veel andere bloemen zijn de mannelijke hopbloemen heel snel uitgebloeid. Dus wachten op mooi weer met niet al te veel wind is niet altijd een optie. En aangezien ze ook nog eens onopvallend zijn loop je er snel voorbij. Mij is het nog niet gelukt. U zult het dus moeten doen met een mooie botanische illustratie. De vrouwelijke bloemen zijn heel belangrijk want zij vormen de hopbellen. En juist aan deze bellen herken je de plant meteen. Anders heb je alleen met het blad te doen en dan wordt Hop snel uitgemaakt voor een of andere klimplant ontsnapt uit de tuin.

Mocht u toch iets meer willen weten over de het uiterlijk van deze plant dan is hier een korte omschrijving. Uiteraard is deze ook te vinden in elke flora of op internet. De stengel is knobbelig en daardoor ruw. De bladeren zijn tegenoverstaand, lang gesteeld met steunblaadjes aan basis van de bladsteel, en hebben een hartvormige voet en gezaagde rand. Meestal zijn ze gelobd, met drie, soms vijf lobben. De bladeren aan de top van de stengel kunnen ongedeeld zijn.

De bloemen, die verschijnen van juli tot september, groeien in pluimen in de bladoksels, bij de mannelijke bloeiwijzen staan de bloemen afzonderlijk aan het eind van de pluimsteeltjes, bij de vrouwelijke bloeiwijzen staan aan het eind van de pluimstelen aartjes met meer bloemen. Hieruit ontwikkelen zich de karakteristieke  eivormige vruchtkegels = hopbellen, die in augustus/september aan de vrouwelijke plant groeien.

De hopbellen worden al sinds de 9-de  eeuw gebruikt voor de productie van bier, daar kent iedereen ze van. Daarvoor als medische of culinaire toepassing. Hieronder dus die mooie botanische illustratie.

uit: Franz Eugen Köhler, Köhler’s Medizinal-Pflanzen / Public domain

Linksboven zijn de hangende vrouwelijke bloemen te zien die later zullen uitgroeien tot de typische hopbellen. Rechtsboven is te zien hoe de mannelijke bloemen zich hebben gevormd

Cultuur in de stad

Nee het gaat hier niet over een balletvoorstelling of de laatste voorstelling van Andre Rieu, maar over cultuurplanten die ik tegenwoordig vaak zie in de stad. Officieel is de definitie voor deze planten als volgt: een cultuurgewas of cultuurplant is een plantensoort die voor menselijk gebruik wordt geteeld en uit wilde planten is veredeld. De reden daarvoor is de toepassing voor  voedsel of medicijnen.
Er bestaat ook zoiets als secundaire cultuurgewassen. Dit zijn planten die als on- of bijkruiden werden meegecultiveerd met andere cultuurgewassen en later zelf ook werden gebruikt als cultuurgewassen. Voorbeelden zijn haver, rogge, tomaat, maanzaad en huttentut.

Om te beginnen is er Hop (Humulus lupulus). Meestal valt deze plant niet op. De stengelbladeren zitten verstopt tussen ander groen en ook lijken deze bladeren op die van de braam. En dan bedoel ik de cultuurbraam die in vele varianten in tuinen staat. Hop werd en word veel gekweekt voor de bierproductie. De plant valt ook dan pas op als de typische hopbellen verschijnen.

Ook een plant die ik regelmatig in de stad tegenkom is Cichorei (Cichorium intybus). Officieel komt de plant komt voor in wegbermen Hieraan dankt Cichorei de Nederlands/Duitse volksnaam Wegenwachter. Maar de plant komt ook voor langs dijken en in droog grasland. Cichorei is waarschijnlijk door de Romeinen meegebracht. We kennen de plant ten eerste goed van het gebruik als koffiesurrogaat. Ten tweede is er een variant van Cichorei, andijvie. Dus als andijvie gaat bloeien krijg je ook die fantastische mooi blauwe bloemen. Tegenwoordig wordt een variant van de plant gekweekt voor de productie van insuline.

Raapzaad/koolzaad

Soms zie je op onverwachte plekken graan groeien. Dit gewas is al 7000 jaar bekend bij de mensheid. Dus niet zo gek al je dit in een stad tegenkomt. Graan is een verzamelnaam voor de vele planten die gebruikt worden voor de productie van voedsel zoals Rogge, Haver, Gerst etc.

De Slaapbol en de verwante Papaver zijn natuurlijk bekend. De zaden kunnen prima verwerkt worden als maanzaad of voor het maken van tafelolie en verfolie maar iedereen kent de plant natuurlijk voor de productie van opiumpreparaten. Het is in ieder geval een prachtige plant die overal plotseling kan opduiken.

De Aardappel/Tomaat/Paprika/Aubergine plant. Deze staan bij elkaar genoemd want ze behoren alle tot dezelfde familie. Je komt ze in ieder geval vaak tegen.

Een hele mooie maar ook beruchte plant is de Hennep. Wereldwijd in veel steden te zien. Hennep is meer bekend onder zijn wetenschappelijke naam: Cannabis sativa. Deze plant wordt vandaag de dag maar voor één reden gekweekt: weed.

In het voorjaar kleurt alles geel. Een grote verantwoordelijke voor deze kleur is Kool/Raapzaad. Beide planten lijken zo op elkaar dat ik ze in een adem noem. Ze worden geteeld voor de olieproductie, al sinds 2000 jaar, en de stad staat er vol mee.

De kiwi is relatief kort in Nederland. De kiwi of Chinese kruisbes (Actinidia chinensis) kennen wij pas pas zo’n 100 jaar. In 1906 werden de eerste zaden uit China gehaald. De plant heette toen nog Chinese kruisbes. Pas in 1956 werd het in Nieuw-Zeeland een succesvol exportproduct. Sindsdien heet de plant Kiwi. Toch kom je de plant zo hier en daar in de stad tegen.

De vijgenboom of vijg (Ficus carica). Dat is er ook een die mij de laatste tijd opvalt. Of het nu door klimaatverandering komt of dat mensen gaan inzien dat je voor de deur je eigen voedsel kan verbouwen weet ik niet. Maar deze boom valt mij steeds vaker op, mede door zijn enorme stengelbladeren. Die kennen wij ook van de bekende Ficus-kamerplant.

Ik besef heel goed dat deze lijst lang niet compleet is. Maar deze cultuurgewassen zie ik vaak tijdens mijn ronde als postbode.