
In deze webblog van Stadsplanten van 3 oktober 2018 publiceerde ik een verhaal over een mogelijk bijzondere overlevingsstrategie van de Adelaarsvaren (Pteridium aquilinum) in Nederland. Klik hier voor de link. Tientallen jaren had ik iedereen uitgedaagd om mij een Adelaarsvaren te tonen in Nederland die sporen draagt. Ik loofde er zelfs een fles wijn vooruit. In september 2018 belde mijn varenmaatje Erik Eliveld mij op met de mededeling dat hij in een heideveld van landgoed Den Treek bij Amersfoort Adelaarsvaren met sporen had gevonden. Ik was mijn fles wijn kwijt.
Nu, acht jaar later vond ik opnieuw Adelaarsvarens met sporen. Navraag bij wat varenvrienden leverde het bewijs dat opnieuw, ook in andere delen van het land, nu Adelaarsvarens met sporenkapsels worden gevonden.
Waarom kunnen er zoveel jaren voorbij gaan waarbij er geen sporen worden gevormd en de plant zich alleen vegetatief, via het wortelstelsel, kan vermeerderen. En waarom kon/kan het in 2018 en 2026 wel?

Adelaarsvarens en goede wijnjaren
In mijn speurtocht naar het antwoord werd ik in 2018 door Marc Schmitz gewezen op een bijzonder interessant artikel in het Duitse boek “Die Farn- und Blütenpflanzen Baden-Wüttenbergs”. Uitgegeven in 1993. Daarin wordt verwezen naar een wetenschappelijke publicatie “Kirchner en Eichler, 1882; pag 336” waarin staat “Sporen werden nur “in guten Weinjahren ausgebilded”. De kans op sporenvorming bij adelaarsvarens is dus, volgens deze wetenschappers, groot in goede wijnjaren. Belangrijk hierbij is het antwoord op de vraag of het weer van invloed is op de groei van de druiven en de kwaliteit van de wijn. En of dat resulteert in een goed wijnjaar? En of juist in die goede wijnjaren Adelaarsvarens sporen zouden vormen? Het antwoord daarop zou wel eens “ja” kunnen zijn. Zou dus een nat voorjaar, een extreem warme zomer en daarna weer een periode met voldoende vocht de oorzaak kunnen zijn? Dat leidt dan natuurlijk tot de vraag of er dit jaar opnieuw sprake is van weersomstandigheden die kunnen leiden tot een bijzonder goed Nederlands wijnjaar. In 2018 was dat zeker het geval!
Nieuwsgierig als ik ben kon ik het niet nalaten om uit te zoeken of er dit jaar opnieuw sprake kan zijn van een goed wijnjaar in Nederland. Internet antwoorde: “Ja, 2026 heeft de potentie om het beste Nederlandse wijnjaar ooit te worden. Wijnboeren door het hele land spreken van een uitzonderlijk groeiseizoen door het stabiele, warme en zonnige weer”. Een goed signaal!
Met het natte voorjaar van dit jaar (2026) en de zeer warme zomer met af en toe toch wat vocht, vroeg ik mijzelf af: Hebben wij eigenlijk niet te maken met een vergelijkbare situatie als in 2018. En zouden er dit jaar dus opnieuw Adelaarsvarens te vinden zijn met sporenvorming? En op zondag 16 augustus was het inderdaad raak! Het heeft 8 jaar geduurd maar opnieuw Adelaarsvarens met sporenvorming.

Overlevingsstrategie
Er is een belangrijke tweede factor die in dit verhaal een rol speelt. Dat is de vraag waarom de Adelaarsvaren normaal geen sporen vormt en na een nat voorjaar en een bijzonder hete zomer met weinig vocht wel? Het antwoord kan zijn: door de extreme warmte wordt de varen in zijn voortbestaan bedreigd en is zijn/haar antwoord hierop: sporen aanmaken en er zo voor zorgen dat nageslacht wordt veiliggesteld.
Planten, heesters en bomen nemen in dit soort weersomstandigheden een aantal beschermende maatregelen. Eén daarvan is het laten vallen van de bladeren en alle aandacht te richten op het behoud van het wortelstelsel. Planten raken onder extreme omstandigheden gestrest en richten zich op het voortbestaan. In ieder geval het in leven houden van het wortelstelsel. Als er betere tijden aanbreken, doordat er weer vocht beschikbaar komt, richt de “aandacht van de plant” zich vooral op het zeker stellen van nageslacht. Zorgen dat de soort in stand blijft en er sprake is van opvolging. Dat gebeurt in dit geval bij de adelaarsvaren door de vorming van sporen. Bij andere planten door overmatige vruchtzetting.
In 2018 spraken wij jachtopzieners op de Hoge Veluwe. Die vreesden dat de wilde zwijnen een moeilijke winter tegemoet zouden gaan omdat door de extreme droogte de eiken en beuken te kleine of te weinig vruchten vormden en hun blad lieten vallen. En zie wat er gebeurde: de regens kwamen en de productie van eikels en beukennootjes werd massaal! De jaren dat beuken, eikenbomen en kastanjebomen massaal vruchten produceren heten mastjaren. Of mastjaren inderdaad gekoppeld kunnen worden aan goede wijnjaren en de jaren dat Adelaarsvarens sporen vormen is voor zover mij bekend niet nader onderzocht. Wie weet komt er nog een keer een dergelijk onderzoek.
Wie zoekt er mee?
Graag zou ik willen weten of er rond deze periode overal in Nederland Adelaarsvarens gevonden worden met sporenvorming. Graag daag ik alle lezers van deze webblog uit om op stap te gaan en veel blaadjes van de Adelaarsvaren om te keren en zorgvuldig te kijken naar de bladrand aan de onderzijde van de bladeren. Onder de omgekrulde rand zouden daar sporenkapsels gevonden kunnen worden. Mocht u succes hebben dan zou ik daar graag een melding van ontvangen op jdewilde@euronet.nl. Uiteraard zal ik later dit jaar van de resultaten verslag doen.
Op de pagina’s Stadsplanten van Amersfoort proberen wij vooral aandacht te geven aan planten die algemeen voorkomen in een bepaalde tijd van het jaar. Dat geeft de grootste kans dat de beschreven plant eenvoudig op dat moment gevonden kan worden in de eigen omgeving. Daarnaast melden wij uiteraard ook vondsten van bijzondere, zeldzame planten.
Joop de Wilde


