Klein maar fijn: kleine klaver

Kleine klaver. Foto van Rasbak

Kleine klaver (Trifolium dubium) is een algemene klaversoort die overal voorkomt. Het is dus geen typische stadsplant, maar in de gazons en bermen van de stad komt kleine klaver heel vaak voor. Samen met de verwanten witte klaver (Trifolium repens) en rode klaver (Trifolium pratense) zijn ze een drietal dat onze grasveldjes, hoe klein ook, opfleurt.

Er zijn veel meer klaversoorten in Nederland zoals hazenpootje (Trifolium arvense), liggende klaver (Trifolium campestre) en basterdklaver (Trifolium hybridum). Ongeveer 40 soorten klaver zijn in Nederland gevonden. Sommige zijn niet inheems en worden uitgezaaid zoals inkarnaatklaver (Trifolium incarnatum). Andere soorten komen in heel specifieke milieus voor, zoals aardbeiklaver (Trifolium fragiferum), die vooral in brakke vegetaties bij de kust is te vinden. En sommige soorten zijn zeldzaam zoals draadklaver (Trifolium micranthum). Ten slotte worden recent veel zuidelijke soorten aangetroffen op campings, verspreid door kampeerders en die door de opwarming in Nederland een groeizaam plekje vinden.

‘Bouwplan’ van klaver

De wetenschappelijke geslachtsnaam Trifolium betekent driebladig. Het blad heeft drie deelblaadjes. De verdere beschrijving is beperkt tot kleine klaver, maar is in essentie van toepassing op alle soorten van het geslacht. Er is natuurlijk een enorme variatie in de vorm van de deelblaadjes en van de steunblaadjes, de grootte en kleur van de bloemen en zo verder, maar vanwege de overeenkomst in het ‘bouwplan’ is elke klaversoort als klaver te herkennen.

Kleine klaver is een laagblijvende soort met liggende tot opstijgende stengels, aan de voet van de bladsteel zijn er twee eironde steunblaadjes en de drie deelblaadjes zijn omgekeerd eirond en getand, gesteeld waarbij de middelste langer is gesteeld.

Bloeiwijze van kleine klaver. Foto van Kenraiz

De lichtgele bloemen staan met 6-15 bijeen in kleine ovale hoofdjes. De bloemen staan niet heel dicht opeen. De stelen van de hoofdjes zijn dun en langer dan de bladen waar ze in de oksels staan. Als vlinderbloemige bestaat de bloemkroon uit een opstaande vlag met een recht naar voren stekende kiel met aan weerszijden een langwerpige slip, zwaard genaamd. De vruchten, peultjes, zitten verstopt in de verwelkte bloemkroon en hangen naar beneden in een losse tros.

Uitgebloeide bloemen van kleine klaver. Foto van Xam Menue

De dubbelganger hopklaver

Er zijn in de familie van de vlinderbloemigen meer geslachten waarvan de soorten ook ‘klaver’ in de naam hebben zoals honingklaver (Melilotussoorten), wondklaver (Anthyllissoorten), rolklaver (Lotussoorten) en rupsklaver (Medicagosoorten). Ik neem alleen hopklaver (Medicago lupulina) onder de loep. Hopklaver en kleine klaver worden vaak met elkaar verwisseld en dat is begrijpelijk. Kleine gele ronde bloeihoofdjes, driedelig blad, laagblijvende groeiwijze en ze komen in laagblijvende grazige vegetaties vaak samen voor.

Blad van kleine klaver. Foto van KU Leuven

De bloeiwijze van hopklaver is veel compacter, vormt een bolletje met een scheve asymmetrische onderkant. De vruchten van hopklaver zitten in een trosje en zijn ovaal-niervormig. Het blad is ook verschillend, de deelblaadjes van hopklaver hebben een topspitsje.

Blad van hopklaver. Foto van Frank Vincentz

Kleine klaver is daar afgerond met een regelmatige tanding. Dit schrijvende valt er me opeens een verklaring voor de wetenschappelijke naam van kleine klaver in. Trifolium is duidelijk maar waarom dubium als soortnaam? Dubium betekent twijfelachtig. Zou het kunnen dat dubium slaat op de verwarring met hopklaver? Wie het weet mag het me schrijven.

Diversen

Al deze klavers die ik nu genoemd heb zijn een belangrijke voedselbron voor insecten. Volgens hommelkenner Dave Goulson is vooral rode klaver belangrijk voor het overleven van hommels omdat deze soort het hele zomerhalfjaar bloeit en nectar biedt. Veel ingezaaide soorten missen deze kwaliteit. Die hebben een korte en hevige bloeiperiode want daarop zijn ze geselecteerd. Het aanbod van nectar is dus ook tijdelijk, waardoor de bijdrage aan de insectenrijkdom maar beperkt is. Een periode zonder nectar is funest voor veel soorten. Vaak zijn inheemse soorten die niet zo spectaculair bloeien veel belangrijker voor de insectenwereld dan wat nu in inzaaimengsels vaak wordt toegepast.

Eigenlijk had ik deze soort in het voorjaar moeten beschrijven. Dan is kleine klaver goed te vinden. In de loop van de zomer wordt kleine klaver veel minder gezien. Als eenjarige verdwijnt de soort na de vruchtzetting. Maar de hele zomer kan je de soort af en toe tegenkomen. Dat zijn exemplaren die later hebben gekiemd en in de zomer pas in bloei schieten maar dat gebeurt niet zo vaak. Kleine gele bolletjes laag bij de grond zijn de zomer vrijwel altijd hopklaver.

Bronnen

Een verhaal met een Angel; Dave Goulson; 2014
Oecologische Flora deel 2; Weeda et al; 1987
Stadsflora van de Lage Landen 2020 Ton Denters